wat is een titerbepaling?

Na afname van een kleine hoeveelheid bloed kan daarin de hoeveelheid antilichamen bepaald worden tegen een bepaalde ziekte. Dit kan door het bloed naar een laboratorium te sturen. Dan krijg je een “kwantitatieve uitslag”. Dat wil zeggen een precieze uitslag uitgedrukt in getallen. Het kan ook door middel van een “kwalitatieve bepaling”. De uitslag is minder precies en wordt uitgedrukt in een kleur of een andere beschrijvende manier. De test die hiervoor wordt gebruikt is de Vaccicheck®.

vaccicheck®

De Vaccicheck® is een kwalitatieve bepaling: de uitslag is niet uitgedrukt in getallen maar in grijswaarden die vergeleken worden met een controle kleur op de strip. Voor de ziekten Parvo, Distemper (hondenziekte) en HCC (besmettelijke leverziekte) kan een titerbepaling gedaan worden.  Voor de ziekte van Weil (Leptospirose) en Bordetella (besmettelijke hondenhoest/kennelhoest) kan dit dus niet. Een titerbepaling voor Rabiës (hondsdolheid) kan alleen in een laboratorium gedaan worden.

Waarom een titerbepaling?

Er zijn een aantal redenen te bedenken waarom een titerbepaling wenselijk is:

  • Wanneer u een hond adopteert waarvan de vaccinatiestatus onbekend is.
  • Uw hond een autoimmuun aandoening heeft en liever niet vaccineert.
  • Als controle of uw hond daadwerkelijk antilichamen heeft aangemaakt na vaccinatie
  • In uitzonderlijke gevallen, wanneer uw hond bijwerkingen heeft als gevolg van een vaccinatie.
  • Sommige huisdiereigenaren willen weten of er nog voldoende antilichamen aanwezig zijn om te kijken of (her)vaccinatie nodig is.

Wanneer een titerbepaling?

Dat is sterk afhankelijk van de reden waarom u een titerbepaling wilt laten uitvoeren. In het geval dat u wilt weten of een vaccinatie nodig is, of er dus nog voldoende antilichamen aanwezig zijn (voor Distemper, Parvo en HCC), dan komt uw hond hiervoor in aanmerking als hij/zij vier jaar oud is. Mits uw hond als pup volgens schema de puppy-vaccinaties heeft gehad (op 6-9-12 weken de daarvoor bestemde vaccinatie en een booster vaccinatie op 12 maanden leeftijd). Waarom? Omdat er al ”op maat” gevaccineerd wordt.
Daarna krijgt uw hond één keer in de drie jaar de grote cocktail (Distemper, Parvo, HCC en ziekte van Weil). In de tussenliggende jaren ontvangt uw hond de vaccinatie tegen ziekte van Weil en, indien gewenst, Bordetella. De afweer tegen de ziekte van Weil houdt helaas niet zolang als de afweer tegen de andere ziekten, vandaar dat er jaarlijks gevaccineerd wordt hiertegen. Dit heeft te maken met een ander type afweer (cellulair in plaats van humoraal) en het type vaccin. Een titerbepaling kan dus gedaan worden op het moment dat de ‘grote cocktail’ weer aan de beurt zou zijn.

Hoe lang is een titerbepaling geldig?

Dat is afhankelijk van de vaccinatie geschiedenis en de leeftijd van uw hond.  Wij houden de richtlijnen aan die uitgegeven zijn in samenwerking met o.a. de faculteit Diergeneeskunde en de Groep Geneeskunde Gezelschapsdieren. Hierin wordt ook beschreven dat er voor maximaal drie jaar kan worden afgetekend en dat er tot nu toe de voorkeur gegeven wordt om pups en kittens te vaccineren en niet te titeren.

Download KNMvD consensus vaccineren en titerbepaling

F.A.Q.

  • Titerbepalingen zijn goedkoper dan vaccineren.
    Nee. Helaas is dat niet het geval.  Titeren is veel bewerkelijker en daarom duurder.
  • Mijn hond zwemt nooit en hoeft dus niet tegen de ziekte van Weil gevaccineerd te worden.
    Nee. In Nederland hebben we met meerdere varianten van de ziekte van Weil te maken. Twee daarvan worden verspreid door urine van muizen, egels en ander wild. Dus overal waar muizen en egeltjes kunnen komen kan uw  hond de ziekte van Weil oplopen. Bijvoorbeeld gewoon in uw achtertuin.
  • Als een hond nog voldoende antilichamen heeft, heeft een booster vaccinatie geen zin.
    Ja, dat klopt. Het vaccin zal dan weinig meerwaarde voor uw huisdier hebben. Waarom doen we dit dan? Omdat we niet alleen vaccineren voor uw huisdier, maar voor alle honden. Door het huidige vaccinatieschema toe te passen houden we de populatie-immuniteit op niveau. Dat betekent dat ALS er een van die ziekten uitbreekt, het zich niet of nauwelijks  kan verspreiden.
  • Ik laat mijn hond niet vaccineren omdat je daar allerlei bijwerkingen van kan krijgen.
    Ja én nee. Bijwerkingen kunnen in principe altijd optreden, maar de huidige vaccins zijn erg veilig. Laten we naar de feiten kijken: in 2005 is er een studie gedaan naar bijwerkingen waar 1,2 miljoen honden gemiddeld 1,6 vaccinaties kregen (dus de meesten meer dan 1). In slechts 0.004% was er een bijwerking. Van die 0.004% had 0.0026%  een kleine pijnlijke zwelling op de plaats van injectie en 0.0013% vertoonde een allergische reactie.

Heeft u nog vragen? Bel gerust! We geven u graag persoonlijk advies.

Meer informatie over vaccineren vindt u hier.